Veel mensen zijn boos. Waarom heeft Ursula von der Leyen dit zomaar geaccepteerd? Sommigen proberen het nog goed te praten: “Het had erger kunnen zijn.” Maar hoe zit het eigenlijk?
Op 27 juli 2025 hebben de Europese Unie en de Verenigde Staten een nieuwe handelsdeal gesloten. De uitkomst? Voor import van Europese producten moet voortaan 15% invoerbelasting betaald worden. Daarbovenop belooft Europa meer te investeren in Amerika en meer Amerikaanse energie af te nemen. Amerikaanse bedrijven daarentegen kunnen hun producten zonder extra kosten naar Europa blijven sturen.
Veel mensen zijn boos. Waarom heeft Ursula von der Leyen dit zomaar geaccepteerd? Sommigen proberen het nog goed te praten: “Het had erger kunnen zijn.” Maar hoe zit het eigenlijk?
1 Opmerking
Over financieringssaldi en handelsverhoudingen
In mijn vorige post (zie Nieuwe spelregels nodig voor de Euro) heb ik betoogd dat de grote verschillen in de staatsschulden van de EU-landen in belangrijke mate veroorzaakt worden door de scheve handelsverhoudingen binnen Europa. Duitsland en Nederland zijn grote exportlanden. Frankrijk en Italië importeren juist veel meer dan ze exporteren. In feite betalen Franse en Italiaanse afnemers mee aan de welvaart in Duitsland en Nederland en om hun eigen welvaart op peil te houden moeten de Franse en Italiaanse overheden beduidend meer uitgeven dan ze binnen krijgen, met oplopende staatsschulden tot gevolg. Ook heb ik erop gewezen dat Duitsland zijn grote exportoverschot te danken heeft aan decennialange loonmatiging, waardoor Duitse producten kunstmatig goedkoop werden gehouden.
Er bestaat dus een samenhang tussen de handelsverhoudingen tussen de landen van Europa en de hoogte van de overheidstekorten van die landen. Hoe dat zit probeer ik in deze bijdrage uit te leggen.
De Euro is eind jaren 90 ingevoerd. Dat was in een tijd waarin beleidsmakers een sterk vertrouwen hadden in werking van de markt. Er werden strikte regels van kracht voor de maximale hoogte van de staatsschuld van deelnemende landen en voor de financiering daarvan waren deze aangewezen op de kapitaalmarkt.
Dat werkte bij een goed functionerende economie.
De meeste mensen hebben een achterhaald beeld van waar het geld van de regering van een soevereine staat vandaan komt. Ze denken dat de regering eerst geld moet binnenhalen (in de vorm van belastingen) voordat ze dat kan uitgeven. Nagenoeg iedereen zit in dit denkspoor - politici van links en rechts maar ook de meeste economen. Het is een wijdverbreid misverstand waardoor we de bewegingsruimte van de regering veel te beperkt houden.
Eerst geld verdienen - dan pas uitgeven. De tering naar de nering zetten. Dit geldt alom als waardevolle deugd. In deze lijn denkt men dat ook de regering eerst belasting moet binnenhalen voordat ze het kan uitgeven. Maar iets wat geldt voor de leden van een systeem (de huishoudens en bedrijven in een land) hoeft niet persé te gelden voor de bestuurder van het systeem (de regering van dat land). Om dit toe te lichten stel ik je het (fictieve) gezin van Hendrik en Geertrui voor als analogie voor onze maatschappij.
Naar aanleiding van: https://fd.nl/economie/1483098/nout-wellink-midden-in-een-storm-in-een-klein-roeibootje-gaan-zitten-is-een-beetje-naief?gift=1dlAb
In het Financiële Dagblad van zaterdag 22 juli 2023 werd Nout Wellink (oud-directeur van De Nederlandse Bank geïnterviewd. Enkele uitspraken van Wellink vielen mij in het bijzonder op:
Deze uitspraken zie ik als een uiting van conventioneel denken gebaseerd op het idee dat het innen van belastingen en verkopen van staatsobligaties manieren zijn voor de staat om aan geld te komen, dat nodig is om overheidsbeleid te bekostigen.
|
MMT aan de hand van een eenvoudig voorbeeld:Categorieën
Alles
|