In een eerder artikel liet ik zien dat de overheid eigenlijk lijkt op de bank in het spel Monopoly. Die bank kan niet failliet gaan en geeft geld uit voordat ze het weer terugkrijgt via belastingen. Zo werkt het ook met de staat: ze hoeft niet eerst geld te verdienen voordat ze het uitgeeft. Door geld uit te geven, brengt de staat juist geld in omloop – geld dat uiteindelijk terechtkomt bij gezinnen en bedrijven.
Dat komt doordat de staat een andere rol speelt in de economie dan jij en ik, of een bedrijf. De staat creëert het geld en het systeem waarin wij allemaal met elkaar handelen. Maar als de staat geld kan maken, waarom hebben we dan belastingen nodig?
Dat is precies waar dit artikel over gaat. Want hoewel belastingen niet nodig zijn om de plannen van de overheid te betalen, zijn ze wél essentieel voor een goed werkende samenleving.
Dat komt doordat de staat een andere rol speelt in de economie dan jij en ik, of een bedrijf. De staat creëert het geld en het systeem waarin wij allemaal met elkaar handelen. Maar als de staat geld kan maken, waarom hebben we dan belastingen nodig?
Dat is precies waar dit artikel over gaat. Want hoewel belastingen niet nodig zijn om de plannen van de overheid te betalen, zijn ze wél essentieel voor een goed werkende samenleving.
1. Belastingen zorgen ervoor dat we het geld van de staat accepteren
Stel je voor: de overheid wil leraren, artsen en soldaten betalen voor hun werk. Maar waarom zouden mensen dat geld accepteren? Omdat de overheid bepaalt dat je belasting moet betalen in een bepaalde munt – bijvoorbeeld de euro. Iedereen moet dus zorgen dat ze genoeg euro’s hebben om aan hun belastingplicht te voldoen. En hoe kom je aan euro’s? Door te werken of diensten te leveren. Zo ontstaat er een reden om het geld van de staat te gebruiken en te accepteren.
2. Belastingen helpen om rijkdom eerlijker te verdelen
Een samenleving werkt beter als de verschillen tussen arm en rijk niet te groot zijn. Met belastingen kan de overheid geld herverdelen – bijvoorbeeld door hogere belastingen voor de rijksten en steun voor mensen met een lager inkomen. Zo blijft de samenleving stabieler en rechtvaardiger.
3. Belastingen sturen ons gedrag
De overheid gebruikt belastingen ook om ons gedrag te beïnvloeden. Wil ze dat mensen minder vervuilen? Dan kan ze extra belasting heffen op vervuilende producten. Wil ze juist dat mensen investeren in duurzame energie? Dan kan ze belastingvoordelen geven. Zo worden belastingen een middel om maatschappelijke doelen te bereiken.
4. Belastingen helpen om de economie af te koelen
Soms draait de economie te hard – er is dan veel vraag, maar te weinig aanbod. Dat kan leiden tot inflatie: stijgende prijzen en lonen. Stel dat de overheid meer leraren wil, maar die werken allemaal al in het bedrijfsleven. Dan kan ze de lerarensalarissen verhogen. Maar bedrijven zullen reageren door hún salarissen ook te verhogen, en zo ontstaat een loon-prijsspiraal. Door belastingen te verhogen, kan de overheid de vraag afremmen en mensen stimuleren om van het bedrijfsleven naar het onderwijs over te stappen.
Samengevat: belastingen zijn onmisbaar omdat ze...
- Zorgen dat we het geld van de staat gebruiken
- Helpen om rijkdom eerlijker te verdelen
- Ons gedrag kunnen sturen
- De economie in balans houden
We kunnen dus niet zonder belastingen. Maar het is goed om te onthouden dat ze niet nodig zijn om de plannen van de overheid te betalen. Dus als je weer een politicus hoort zeggen dat “de tering naar de nering gezet moet worden”, denk dan even terug aan dit artikel. Want misschien is er wél geld – en is het vooral een kwestie van keuzes maken voor een duurzame, eerlijke en veilige samenleving.